Herkenbaar

Waar gebeurde verhalen van lezers

 

Mijn hele leven al houd ik me bezig met "het paranormale". Ik werd eigenlijk van jongs af aan al met mijn neus op de feiten gedrukt. Ik zie mensen die er niet zijn, zie "lichtjes" om mensen (aura's bleek later), voel wat anderen voelen en jong als ik was, zei ik dat ook tegen de desbetreffende persoon.

Nu vele jaren later is mijn kennis vergroot en mijn ervaring verveelvuldigd. Echter, ik heb wel geleerd om datgene wat ik kan niet open en bloot te bespreken. Niet goed, ik hoor het je denken, maar voor mij wel de manier om er op een juiste manier mee op te kunnen gaan. Veel mensen in mijn directe omgeving hebben totaal geen ervaring met het paranormale en weten ook niet hoe ze daarmee om moeten gaan. Het feit dat ik dingen zie die door anderen niet zichtbaar zijn werd afgedaan met "doe je ogen maar dicht, dan gaat het wel weg". Helaas, ook met mijn ogen dicht, gebeurden nog rare dingen en aangezien ik toen al mensen zag en daar ook mee kon praten, ging ik bij hen mijn vragen neerleggen. Goed idee, zo bleek want de persoon die ik op dat moment zag stelde haarzelf voor als iemand die mij kwam helpen. (mijn gids dus). Ze werd een goede vriendin van me en met bijna alle vragen kon ik bij haar terecht. Helaas bleef ze niet bij me. Ze nam afscheid en ik kreeg andere gidsen. Van allemaal heb ik het nodige geleerd. Soms op paranormaal gebied, maar zeker ook eens zoveel op andere gebieden. Mijn ontwikkeling gaat snel. Dagelijks leer ik, soms door gewoon iets te proberen, soms omdat ik door de situatie gedwongen wordt en soms gewoon omdat het "zomaar" gebeurt. Een ding staat vast. Ik ben heel blij met de room Paranormaal, want de mensen daar beoordelen niet. Iedereen staat open voor een vraag, geeft indien nodig advies en luistert naar je soms vreemde ervaringen.

En ervaringen, die heb ik wel. Een aantal wil ik jullie zeker niet onthouden, dus hier komen ze:

Geluk bij een ongeluk!

Ik was een jaar of 6. Het was op een zaterdag. Boodschappen voor de hele week werden die dag gehaald, dus rennen van de supermarkt, de kiloslager en de weekmarkt. Mijn moeder voorop, wij (mijn vier jaar jongere broertje en ik) erachteraan. Vlak voor we bij de weekmarkt kwamen stond er op de weg een hele groep mensen. Er bleek een autoongeluk te zijn gebeurt. Fietser aangereden. We moesten afstappen om met onze fiets tussen de mensen door te gaan en terwijl we dat deden zag ik de aangereden man in gedachten al liggen. Er stond een vrouw naast die bleef herhalen til hem nu niet op, hij heeft zijn heup gebroken, maar niemand scheen aandacht aan haar te besteden. Ze zagen haar niet.

Ondertussen waren we de onheilsplek al gepasseerd en konden we de fietsen in het rek zetten. Mijn moeder liep richting kraampjes en zei tegen ons daar op haar te wachten.Zoals alle kinderen zouden doen, wachtte ik daar dus niet maar ging met mijn broertje bij het ongeluk kijken. Gewoon uit nieuwsgierigheid eigenlijk.

Het tafereel was precies zoals ik het eerder had gezien. Man op de grond, hoop mensen eromheen en die vrouw, die er wel was maar waar niemand naar luisterde. Ondertussen waren twee mannen druk bezig om de gewonde man omhoog te hijsen. Ze ondersteunden hem onder de armen, maar de gewonde man kon niet omhoog. Hij schreeuwde van de pijn. Luisterend naar het geschreeuw van hem en de roepen van de vrouw, trok ik aan de jas van iemand die dichtbij stond. Ik zei dat de man niet verplaatst mocht worden van de vrouw, omdat ie zijn heup gebroken had. Gelukkig hield deze meneer van daden en niet van woorden. Hij schoot op de twee heren af en zei dat ze de gewonde man moesten laten liggen. Er kwam nog iemand in beweging. Iemand ging de gewonde onderzoeken en hoorde het verhaal van de man aan die ik had aangeschoten. De dokter (ik weet niet of het inderdaad een dokter is geweest hoor, maar zo noem ik hem maar even voor de duidelijkheid) onderzocht de man zijn benen, heup enz en vervolgens kwam de man die ik had aangeschoten terug naar mij met de vraag hoe wist je dat? Ik vertelde hem van de vrouw die ernaast stond (de vrouw was overigens nu kalmer) en dat zij steeds maar riep. De man haalde zijn schouders op en zei, vreemd, maar je hebt wel gelijk. De man heeft zijn heup gebroken.

Dit was een van de eerste voorvallen die in het openbaar afspeelde en die ik me nog heel goed kan herinneren.  De volgende gebeurtenis speelde zich een aantal jaar later af.

 

Het kompas!

 

Een familievakantie waarbij een tante en oom en hun twee kinderen en mijn opa en oma ook aanwezig waren. De omgeving was mooi. Veel bos, dus er werd veel gewandeld. Mijn opa had voor zijn verjaardag een mooi kompas gekregen en dit kompas moest mee op een van de vele wandelingen die werden gemaakt. Door het bos liep een wandelroute, aangegeven met paaltjes maar omdat opa zijn kompas bij zich had, werd die route niet gevolgd. Opa wees de weg.

Vol goede moed op weg dus. Opa voorop en de rest van de familie erachter aan. Op elke hoek groepeerde we om Opa heen, want hij wees aan welke kant we opmoesten. Na ongeveer twee uur wandelen waren we het allemaal beu aan het worden en werd aan de terugtocht begonnen. Althans, dat was de bedoeling. We bleven in rondjes lopen en Opa zijn kompas bleek hoe langer hoe minder betrouwbaar. Totdat ik zelf eens ging kijken bij Opa zijn kompas. Opvallend, als ik links van Opa stond was het noorden aan de linkerkant, terwijl als ik rechts van Opa stond was het noorden aan de rechterkant volgens de naald van het kompas.

Toen ik dit eenmaal doorhad hield ik ook het noorden in de gaten en kwamen we gelukkig nog thuis. De wandeling had in totaal een flink aantal uren langer geduurd dan de bedoeling was en Opa zijn kompas is naar Oma's handtas verbannen met de mededeling "daar blijft ie zitten, totdat de vakantie is afgelopen".

 

De volgende ervaring vereist eerst wat uitleg. Overal waar   mensen zijn zijn ook overledenen. Mensen dus die het aardse bestaan achter zich hebben gelaten, en die nu om de een of andere manier nog wel hier op aarde verblijven. Of dat nu in een woning van iemand is, of in een winkelcentrum. Overal zijn geesten aanwezig. Sommige als geleidegeest (gids), anderen met een andere bedoeling. Mijn ervaring is dat de meesten wel een plek hebben waar ze graag zijn. (Misschien uit de periode dat men nog leefde.) Mijn gids bijvoorbeeld is heel graag aan het strand en kan daar net zo van genieten als ik. Met dit in uw achterhoofd wil ik u de volgende ervaring vertellen.

Gezellig winkelen.

Mijn vriendin en ik wilden een dagje op stap samen. We kozen voor Rotterdam, omdat dat voor ons beide een makkelijk te bereiken plaats was.  Na een paar uur heerlijk te hebben gewinkeld kregen we dorst en gingen dus ergens wat drinken. Op dat moment liepen we langs een heel gezellig cafe, dus daar naar binnen. In het cafe zaten een aantal mensen aan de bar en verder was het op het eerste gezicht erg rustig. Totdat we aan een tafeltje zaten, met een glas fris. Ik kreeg het wisselend warm en koud, had geen idee wat er aan de hand was en wilde eigenlijk maar een ding en dat was: WEG.

Toen ik eens op mijn gemak het cafe rondkeek, kreeg ik pas in de gaten waarom ik me voelde zoals ik me voelde. Het was daar bij nader inzien hartstikke druk. Overal waar ik kon kijken stonden geesten. Aan de bar, op de stoelen, op de tafels en een aantal vlak voor mijn neus. Terwijl ik rondkeek trok een van hen, zijn naam was erik, de stoute schoenen aan en kwam op mij af. Jij kan ons zien he, zei hij. Ik bevestigde dat en hij knikte. Erik vertelde me dat de meesten daar regelmatig waren en dat dat cafe een soort stamkroeg was geworden. Een ontmoetingsplek. Bijna iedereen die daar aanwezig was, had wel een vraag of een boodschap. Erik vroeg of ik hen wilde helpen. Ik zei hem dat ze met teveel waren om dit direct te doen, maar dat als ze om de beurt bij me langs zouden komen, ik wilde kijken wat ik kon doen.

Dit was de grootste fout die ik kon maken. Stuk voor stuk kwamen ze om me heen staan en bleven daar. Ook toen ik mijn frisdrank op had en het cafe verliet kwamen ze mee. Het eind van het liedje was, dat de hele groep met mij meeverhuisde. Van Rotterdam naar mijn eigen woning. Ik ben weken bezig geweest om iedereen tevreden te stellen. Sommigen kon ik inderdaad helpen, sommigen helaas niet. Van de hele groep zie ik nu Erik nog wel eens. Zo nu en dan komt ie bij me langs, dan maken we een praatje en gaat hij weer. Naar zijn stamkroeg in Rotterdam, waar ik daarna overigens nooit meer naar toe heb durven gaan.

De schrijver van dit stuk blijft liever anoniem.